|
Het verhaal van Apollo
Het volgende probleem is via de mail binnengekomen:
Apollo is een dwergschnauzer reu van 2 jaar oud. Sinds 6 weken woont Apollo bij zijn nieuwe eigenaar. Apollo is binnenshuis een voorbeeldhondje. Hij is erg lief, gezellig, rustig en super aanhankelijk. Het leuke aan Apollo is, dat je hem overal mee naar toe kan nemen. Hij gedraagt zich keurig. Er is echter één maar: Het gedrag naar andere honden buiten, aan de lijn, is een ramp. Hij reageert overdreven enthousiast, wat overgaat in agressie. Hij hangt zichzelf op in de lijn, het ziet er niet uit. Omdat hij aan een rollijn loopt, krijgt hij elke keer bij het zien van een andere hond een klap in zijn nek. De eigenaar vindt dit gedrag vreselijk. Het is nu zo erg, dat wanneer de eigenaar een andere hond ziet, er snel wordt gecorrigeerd. De rollijn wordt helemaal ingekort, voor hij enige kans krijgt contact te maken met de andere hond. Als hij toch kennis maakt met een vreemde hond, duikt hij er direct bovenop. De eigenaar vindt dit gedrag uitermate ernstig. Ze is uiteraard bang dat er iets met Apollo gebeurt, doordat hij zich zo opstelt. Bovendien vindt ze het gedrag van Apollo erg storend voor andere hondenbezitters. De eigenaar begrijpt het gedrag van Apollo niet en wil graag weten waar het agressieve gedrag vandaan komt.
Met alleen het bovenstaande verhaal kan ik niet helpen. Ik moet meer gegevens hebben om iets zinnigs te kunnen zeggen over het gedrag van Apollo.
Ik ben vragen gaan stellen en onderstaande aanvullende informatie komt via de fokker boven tafel:
Apollo heeft zijn eerste 2 levensjaren bij de fokker gewoond. De woonsituatie bij de fokker ziet er als volgt uit: een roedel van een aantal dwergschnauzer reuen en één middenslag schnauzer reu. Alle honden bij deze fokker lopen vrij rond binnenshuis en kunnen ook samen naar buiten als ze dat willen. Apollo is een reu die niet echt opvalt binnen de roedel. Hij wordt omschreven als een lieve, makkelijke hond die niet veel aandacht vraagt. Soms zelfs te weinig. Hij vertoont eerder onderdanig gedrag dan dominant gedrag. Apollo heeft binnen de roedel een heel sterke band met zijn vader Adonis. Apollo is altijd bij zijn vader in de buurt. Zo liggen ze meestal samen op de bank, of in de vensterbank naar buiten te kijken. Adonis vertoont veel dominant gedrag naar andere reuen. Adonis is daar continu mee bezig, hij wil bevestiging zien dat hij hoger in rang staat. De status van Adonis is duidelijk hoger dan die van Apollo. Apollo accepteert zijn lagere rang en voelt zich daar prettig bij. Bij de fokker gaan de honden regelmatig mee naar het bos. Apollo is dan altijd samen met zijn vader Adonis. De honden lopen aan de rollijn en zijn in het bos niet los. Apollo loopt rustig aan de rollijn en trekt niet. In de twee jaar dat Apollo bij de fokker woont, heeft hij nog nooit enige agressie vertoond naar vreemde honden. Apollo is naar onbekende mensen éénkennig en terughoudend. Apollo heeft tijd nodig om aan nieuwe mensen te wennen. Bij de fokker is Apollo nog nooit door mensen gecorrigeerd, hooguit door Adonis. Apollo heeft bij de fokker ringtraining gevolgd. Ook heeft Apollo twee tentoonstellingen gelopen. Tijdens de tentoonstelling laat Apollo een beetje onzeker gedrag zien. Het lijkt of Apollo de tentoonstelling niet leuk vindt. Om die reden is de fokker gestopt om met Apollo te showen.
Aan de huidige eigenaar heb ik een aantal vragen gesteld, waar de volgende antwoorden uitkwamen:
In het begin reageert Apollo timide. Hij maakt zelfs een wat bange indruk, buiten naar andere honden reageert hij juist overenthousiast. Binnenshuis is er de eerste avond wel een vervelend incident geweest. Bezoek komt naar Apollo kijken en brengt twee hondjes mee. Deze hondjes zijn erg ongehoorzaam en voelen zich sterk samen. Ze reageren erg dwingend/agressief naar Apollo. Hij is duidelijk aangeslagen door dit voorval.
Na verloop van tijd reageert Apollo direct met agressie, als hij een andere hond in het vizier krijgt. Enthousiasme is overgegaan in agressie. Het maakt voor Apollo niets uit of het hier gaat om een reu of een teef. Ook maakt hij geen onderscheid in groot, klein, kortharig of langharig. Alles wat er uit ziet als hond, is voor Apollo een reden om uit te vallen. Apollo gaat op zijn achterpoten staan en gromt, grauwt en snauwt. Hij maakt een onsympathieke, agressieve indruk bij andere hondenbezitters. Wanneer hij uitvalt, lijkt het voor zijn eigenaar alsof hij autistisch is. Apollo gaat helemaal op in de agressie en is totaal niet te bereiken. Hij piept er zelfs bij, alsof hij zelf aangevallen wordt. Na de aanval, als de andere hond niet meer in zicht is, komt hij weer bij zijn positieven. Het is dan net alsof Apollo het allemaal niet begrijpt, wat er is gebeurd. Apollo vertoont dit gedrag buiten overal. Het is niet erger of minder erg in zijn eigen omgeving. In de vakantie reageert hij net zo als thuis.
De eigenaar heeft geprobeerd om Apollo kennis te laten maken met een andere hond. De vreemde hond is van oudere mensen en nog vrij jong. Beide honden zijn aan de lijn. Voordat de eigenaar in de gaten heeft wat er gebeurt, zit Apollo luid grommend boven op het andere hondje. De baasjes van de aangevallen hond reageren erg boos op de eigenaar van Apollo. Dit uit zich in luid gevloek en slaan richting eigenaar. De eigenaar is door dit voorval enorm geschrokken, sowieso door de agressie van de andere mensen. Maar is ook totaal van de kaart, omdat de eigenaar het gedrag van Apollo absoluut niet begrijpt. Al die agressie, waar komt die toch vandaan? De eigenaar van Apollo woont in een appartement. In één van de slaapkamers kijk je uit over een groot terrein waar altijd veel gebeurt. Apollo vindt het leuk om hier naar te kijken. Het liefst samen met zijn nieuwe baasje. Hij is erg nieuwsgierig en volgt de bewegingen nauwkeurig. Dit alles doet hij in stilte. Daar waar hij op uit kan kijken, lopen geen honden.
De eigenaar heeft voor Apollo twee dwergschnauzers gehad. Deze zijn bijna 13 en 16 jaar geworden. Met deze honden heeft de eigenaar nooit problemen gehad. De honden hebben de nodige conflicten gehad, maar nooit extreem. Met de vorige honden is de eigenaar op cursus geweest.
Opvallend is het gedrag van Apollo in de wachtkamer bij de dierenarts. Daar zat nog een aantal andere honden met hun baasjes te wachten op hun beurt. Één hond loopt zelfs los. Apollo doet helemaal niets. Hij heeft totaal geen belangstelling voor de andere honden, is vriendelijk en rustig volgens zijn eigenaar.
Op dit moment gaat de eigenaar behoorlijk gespannen met Apollo de deur uit. De eigenaar kan het gedrag van Apollo niet plaatsen en de druk vanuit de omgeving is enorm groot. Veel mensen zien de kleine schat als een agressief monster; dat maakt de eigenaar erg verdrietig, want zo is Apollo helemaal niet. De eigenaar kijkt continu om zich heen en zodra er een andere hond in zicht komt, verandert de eigenaar resoluut van route. Wanneer de eigenaar echt niet kan uitwijken, lopen ze samen naar de overkant van de weg. Apollo hangt dan weer in de lijn. Dit alles maakt uiteraard dat de wandelingen geen gezellige uitjes meer zijn.
De conclusie die ik uit het bovenstaande heb getrokken, zal ik hieronder beschrijven:
Apollo heeft altijd veel steun gehaald uit zijn roedel. Vooral zijn vader is voor hem de perfecte roedelleider waarop hij kan bouwen en vertrouwen. Na twee jaar wordt hij in een mensenroedel geplaatst zonder andere honden. Voor een hond die in zo’n veilig en voor hem bekende omgeving heeft gezeten, is dit heel bedreigend. Al zijn zekerheden vallen weg. Ondanks alle goede en lieve bedoelingen van zijn huidige eigenaar kan deze hem niet datgene bieden wat hij gewend is. Wij mensen zijn nauwelijks(niet) in staat om exact te reageren, zoals honden onderling in een roedel doen. Leiding geven is absoluut een pré. Hoe meer Apollo aan regels gebonden is, hoe zekerder hij zal worden. Wanneer de eigenaar consequent en daadkrachtig optreedt, biedt deze aan Apollo de veiligheid die hij nodig heeft.
Wat de eerste avond in het nieuwe huis van Apollo is gebeurd, is een vervelende bijkomstigheid. Apollo voelt zich niet safe en is bevestigd in zijn angst voor andere honden. Het bevestigen van de angst is zo’n begrijpelijke menselijke reactie: helaas werkt het helemaal averechts. In plaats van dat de eigenaar Apollo troost, vertelt deze hem dat hij juist bang moet zijn voor andere honden. Ons gevoel zegt te gaan aaien en gerust te stellen en daarom is het zo moeilijk om juist niet te gaan aaien. Dat wil overigens niet zeggen dat de eigenaar niets kan doen, de eigenaar kan Apollo wel steun geven. Dat klinkt vreemd, maar wat is dan het verschil? Wanneer Apollo angstig is en steun zoekt bij de eigenaar, kan dat door bijv. een been aan te bieden. Wat bedoel ik daarmee? Als de hond tegen de eigenaar aan komt staan, kan deze zijn/ haar been iets richting Apollo bewegen zodat hij de druk voelt vanuit het been. De eigenaar geeft hem dan letterlijk en figuurlijk steun. Ook een hand in bijvoorbeeld de nek leggen biedt veel steun. Daarbij moet opgelet worden dat er niet gekriebeld wordt. Anders wordt de angst er alsnog ingeaaid. Wat eventueel ook nog kan, is de hond een commando geven. Apollo reageert angstig. Wanneer de eigenaar direct een ‘zit’ commando geeft, biedt deze hem iets aan wat hij herkent. Vaak neemt spanning/ angst af, door iets wat herkenbaar is voor de hond. Compleet negeren, wat helaas nog vaak geadviseerd wordt, is niet juist. Diep triest zelfs wanneer er zo met de hond wordt omgegaan. De hond laat angst zien, dat doet hij niet voor niets. Honden onderling kalmeren elkaar door bepaalde signalen te geven. Omdat mensen de meeste signalen niet kunnen nabootsen, kunnen eigenaren de hond wel steun geven door het bovenstaande uit te voeren.
Doordat Apollo aan een looplijn loopt, krijgt hij bijna vanzelf vele correcties. Zijn ( in het begin) enthousiaste gedrag wordt afgestraft. Omdat ook de zekerheid en veiligheid van Adonis is weggevallen, ga ik er vanuit dat Apollo enigszins onzeker is naar andere honden. Ook deze onzekerheid wordt iedere keer gecorrigeerd. Onzekerheid komt voort uit angstgevoelens. Als angst wordt bestraft, zal de angst toenemen. Apollo is al bang, krijgt daar (onbedoeld) een correctie overheen, waardoor hij nog banger wordt. Bovendien weet ik uit ervaring dat er bij honden die uit vallen aan de lijn een hoop frustratie zit. Ze willen communiceren met andere honden, maar worden tegengehouden. Met alle gevolgen van dien. De spanning van de eigenaar zorgt er ook voor dat het gedrag in stand wordt gehouden. Hierbij wil ik wel vermelden dat dit een hele normale reactie van de eigenaar is. Bijna al mijn cliënten die met agressieproblemen bij mij komen, worden door de omgeving ontzettend onder druk gezet. Het is haast niet voor te stellen wat dat met mensen doet. Eigenaren die te maken hebben met agressie worden veelal verscheurd door gemengde gevoelens. Enerzijds is er de ontzettend lieve hond, anderzijds het enge, vreselijk agressieve beeld buiten wat hun hond schetst. De omgeving verwacht bijna altijd dat de eigenaar ‘iets’ doet aan het gedrag van de hond. En met ‘iets’ verwachten de meeste mensen toch wel dat de hond gecorrigeerd wordt voor het agressieve gedrag. Er wordt vaak veel gekletst over ‘die’ mensen met die ‘gevaarlijke’ hond. Vreselijk jammer, daardoor bouwt de eigenaar onnodig veel spanning op wat het gedrag in stand houdt. Als de omgeving meer begrip zou kunnen opbrengen, hebben eigenaren van uitvallende honden het in ieder geval iets makkelijker.
De volgende adviezen heb ik de eigenaar van Apollo gegeven:
In de omgang met honden is een aantal roedelregels zoals o.a. de roedelleider eet als eerste, initiatief komt vanuit de roedelleider zoals aandacht geven en spelen, de roedelleider gaat als eerste de deur uit naar buiten. In een vorig clubblad heb ik alle roedelregels uitgebreid beschreven. Voor Apollo zijn alle regels de eerste periode erg belangrijk. De eigenaar moet onvoorwaardelijk bewijzen dat hij het leiderschap waard is. Belangrijk is dat er binnenshuis getraind wordt op aandachtsoefeningen. Als dit goed gaat, wordt er buiten hetzelfde getraind in een omgeving met weinig afleiding. Alleen wanneer het bovenstaande goed gaat wordt de afleiding opgevoerd. Tegelijkertijd kan de eigenaar ook een aantal spelletjes met Apollo gaan doen, zoals bijv. het verstoppen van voertjes of speeltjes. Bij dit soort oefeningetjes is het belangrijk om ze stap voor stap aan te leren. Ook wordt er buiten getraind onder afleiding, als het binnen helemaal feilloos gaat. De bedoeling van deze kunstjes is dat Apollo meer interesse krijgt voor de eigenaar dan voor zijn omgeving. Bovendien worden er buiten allemaal spannende dingen gedaan, waardoor Apollo minder met zijn omgeving bezig is. Zolang de training bezig is, kan de eigenaar het beste proberen om andere honden te vermijden. Elke keer als Apollo de kans krijgt om uit te vallen, wordt hij beloond voor zijn gedrag. Hoe werkt dat dan? Heel simpel de andere hond zal uiteindelijk altijd verdwijnen. Apollo ziet dat, hij denkt dat de andere hond weggaat door zijn agressieve gedrag. Hij leert dat uitvallen werkt. Er zijn verschillende manieren om Apollo weer in contact te brengen met andere honden. Als bovenstaande oefeningen goed aangeleerd zijn, kan dat ook getraind worden met één rustige hond op een veilige afstand. Het kan best zo zijn dat de eerste keer deze afstand 500 meter moet zijn. Er wordt gekeken van hoe ver Apollo zijn aandacht bij de eigenaar kan houden en niet let op de vreemde hond. Heel langzaam wordt de vreemde hond dichter bij Apollo gebracht. Hier kan weken overheen gaan en het vergt veel doorzettingsvermogen. Wat ook kan, is Apollo in contact brengen met rustige, stabiele, goed communicerende honden. De honden zijn in staat om te zien dat Apollo onzeker is. Zij zullen hem kalmeren en leren zich te gedragen tussen andere honden. Welke methode voor Apollo geschikt is, weet ik wanneer ik Apollo zelf geobserveerd heb.
De eigenaar van Apollo heeft gelukkig al een afspraak staan met een gedragstherapeut. Het probleem van Apollo vind ik te complex om alleen aan de slag te gaan. Doordat het gedrag in zes weken tijd is ontstaan, moet dit goed op te lossen zijn.
Marian Geytenbeek, Kynologisch Gedragstherapeut |