Knikstaarten
Wel of niet
van belang voor keurmeesters en fokkers?
De staart bestaat
uit wervels die behoren tot de wervelkolom van de hond. De wervelkolom
is op zijn beurt een onderdeel van het skelet. De aanleg van het skelet
begint al in een vroeg stadium van de embryonale ontwikkeling. Het
ontwikkelt zich uit een van de drie kiembladen, het zogenaamde mesoderm.
Vanuit dit zelfde kiemblad vindt ook de ontwikkeling plaats van onder
andere het bloedvatenstelsel (inclusief het hart), het spierstelsel en
het urogenitaal-apparaat (nier en urinewegen en voortplantingsorganen).
Erfelijke eigenschappen
De hele
ontwikkeling van beruchte eicel tot pup, als ook de ontwikkeling van het
dier daarna wordt in principe gestuurd en bewaakt door de erfelijke
factoren die een pup in zich heeft. Voor de ontwikkeling van de
wervelkolom zijn bij de muis al 20 erfelijke factoren aangetoond. Ook
voor de skelet-ontwikkeling na de geboorte zijn weer vele erfelijke
factoren verantwoordelijk. Al met al een gecompliceerd proces waar best
iets mis kan gaan.
Mutaties treden
regelmatig op. Hierdoor kunnen onder andere genetische defecten
optreden. Gebeurt dit in het erfelijke materiaal in zaadcel of eicel,
dan zijn deze effecten overdraagbaar op de nakomelingen. Genetische
afwijkingen komen niet altijd tot uitdrukking in het fenotype. De
oorzaken hiervan zijn verschillende. De wijze van vererving (recessief
of dominant) is er één van, maar ook de mate van heterogeniteit ofwel de
variabiliteit in het genenpakket een rol.
Afwijkingen staartwervels
Afwijkingen aan
staartwervels behoren tot de skeletafwijkingen. Ze kunnen verschillend
van vorm zijn, afhankelijk van het defecte gen of de defecte genen. Zo
kan de staart afwezig, te kort met een stop einde of een stompstaart
zijn. De staart kan één of meerdere knikken vertonen van verschillende
vorm, haken en niet verstrijkbare krommingen. Er kunnen te weinig of
teveel wervels zijn en soms dubbel. Ook afwijkingen aan de
tussenwervelgewrichten komen voor. Knikstaarten kunnen overigens nog
enkele weken na de geboorte optreden. Beperken deze staartafwijkingen
zich tot de staart, dan heeft de hond hier geen last van en zal
onbekommerd kunnen leven. Wordt er echter met deze honden gefokt, dan
kunnen dergelijke misvormingen gaan optreden in het nageslacht.
Deze beperken
zich dan zelden tot de staart, maar treden in andere delen van de
wervelkolom op. Voorbeelden hiervan hebben wij bij honden gezien in de
halswervels, borst- en rugwervels en lendenwervels Ook zijn er
voorbeelden van gespleten verhemelten, waterhoofden, scheve kaken,
misvormingen aan de ribben, teveel of te weinig tenen en te korte
onderbenen.
Als gevolg van de
interactie tussen de diverse erfelijke factoren kunnen er afwijkingen
optreden in andere orgaansystemen die vanuit het mesoderm worden
aangelegd. Voorbeelden hiervan zijn de persisterende (blijvende)
embryonale bloedvaten, een septumdefect (defect van het
harttussenschot), ectopische ureteren (buizen van nieren naar blaas
liggen op een verkeerde plek), het ontbreken van de anus en
cloacavorming (anus en urinebuis hebben één gezamenlijke uitgang).
Deze afwijkingen
worden meestal gecategoriseerd als aangeboren afwijkingen welke niet
erfelijk zouden zijn. Natuurlijk komt dat ook voor. Denkt u maar aan de
Softenonbaby’s. Zolang echter geen niet-erfelijke oorzaak is vastgesteld
moeten wij er veiligheidshalve van uitgaan dat erfelijke factoren een
rol spelen. De omgekeerde redenatie; Eerst maar eens aantonen dat het
erfelijk is, kan ernstige gevolgen voor de populatie hebben.
Kennis, registratie en fokken
De relatie tussen
het optreden van genoemde misvormingen in orgaansystemen en het
voorkomen van knikstaarten bij één van de ouders in de familie van beide
ouders is vastgesteld bij een aantal rassen. Ook bij andere diersoorten
komen deze relaties voor. Wetenschappelijk onderzoek op dit gebied is
verricht bij muizen. Het fokken met honden die een knikstaart vertonen,
dat wil zeggen waar de staartwervels niet recht achter elkaar liggen
maar scheef en zo vergroeid met een niet gedeeltelijk smaller worden om
in een punt te eindigen is per definitie ontverantwoord. Dit geldt in
verband natuurlijk ook voor kromme rug, afwijkende vorm van de
ribbenkast scheef gebit, te korte onderbenen en teveel of te weinig
tenen.
Keurmeesters hebben immer de plicht de hen ter keuring aangeboden honden
zorgvuldig te keuren, waarbij het onderzoek van de staart niet
achterwege mag blijven. Skeletafwijkingen maar ook andere tekortkomingen
die de gezondheid van een hond (ook van de nakomelingen), nadelig
beïnvloeden dienen steeds vermeld te worden ter informatie aan de
fokkers en eigenaren. Feitelijk verdienden deze honden ook de
kwalificatie ‘Uitmuntend’ niet. Het is immers een afwijking van het
normale beeld. Ook fokkers, zeker van de rassen die nu nog gecoupeerde
staarten mogen hebben, dienen van de staartafwijking bij de pups goede
nota te nemen, hiervan registratie bij te houden en zeker de kopers van
deze afwijkingen op de hoogte te stellen. Het verzoek van een fokverbod
op de stamboom zou hen sieren!
Wanneer wij met z’n allen onze verantwoordelijkheid beseffen en ook nemen,
betekend dit dat wij de gezondheid en het welzijn van onze rassen hoog
in het vaandel hebben.
Geschreven door Mevr. Drs. J.H.C. Brooymans-Schallenberg |