|
De Schnauzer in Nederland
Onlangs werd ik benaderd door Esther Clout, eigenaresse van kennel Ojira Tjar. Zij is een beginnend fokster van zwart/zilver Dwergschnauzers en zij is tevens in het bezit van een Riesenschnauzer peper en zout. Esther heeft in overweging genomen om met haar Ries een nest te gaan fokken, maar zij heeft hierover nog wel een aantal bedenkingen. Zij is zich er van bewust dat er de laatste jaren nog maar weinig belangstelling is voor de Riesenschnauzer peper en zout. Moet je als fokker in zo’n geval wel of niet je teef laten dekken? Hoe raak je de pups kwijt als er onvoldoende belangstelling voor blijkt te zijn? Iedere fokker is uiteindelijk zelf verantwoordelijk voor zijn of haar fokbeleid. Maar in hoeverre moet en kan in dit soort situaties de rasvereniging behulpzaam zijn? Het uitgangspunt is echter dat de fokkerij zal moet leiden tot het op verantwoorde wijze in stand houden en verbeteren van het ras. Duidelijk is wel dat er aan de sterk teruglopende belangstelling voor de Ries peper en zout iets gedaan zal moeten worden.
Het koste mij niet veel moeite om te constateren dat aantal inschrijvingen van peper en zout Riesenschnauzers in Nederland op tentoonstellingen de laatste jaren sterk is gedaald. Op de clubmatch van de NSC in oktober 1988 waren er 37 exemplaren ingeschreven, terwijl het aantal zowel in 2003 als in 2004 op deze clubmatch nog slechts 6 bedroeg. Bij de zwarte Ries zien we ook een daling. In 1988 op dezelfde clubmatch waren er 51 zwarten ingeschreven, in 2003 nog maar 29 en in 2004 was het aantal ingeschreven zwarte riesen 27.
Vanaf het eind van de jaren zeventig konden we op de tentoonstellingen in Nederland prachtige peper en zout Riesenschnauzers bewonderen, afkomstig uit de kennel ‘van de Havenstad’ uit België. Bij veel liefhebbers staan honden als Adonis en Faust van de Havenstad op het netvlies gegrift. Zowel Adonis als Faust behaalden vele nationale en internationale titels en werden beiden 3 keer wereldkampioen. Tot ver in de jaren negentig bracht deze kennel telkens weer peper en zout Riesen van buitengewone kwaliteit en schoonheid. Ook in Nederland wisten verschillende kennels een positieve bijdrage te leveren aan de ontwikkeling van de peper en zout Riesenschnauzer. Om hiervan enkele te noemen: De Heegh, van de Ruighonk, van de Eykenstam en van de Ravenvennen.
Hoe komt het dat de belangstelling voor met name de peper en zout Ries de laatste jaren zo sterk gedaald is? Alle variëteiten hebben immers dezelfde karaktereigenschappen, zoals: temperamentvol, moedig, goedaardig, speels, zeer aanhankelijk tegenover de baas, schrander, onverschrokken, niet om te kopen, waaks en lief voor kinderen. De dwerg heeft veelal een wat levendiger temperament en kan desondanks toe met wat minder lichaamsbeweging dan de twee grotere soortgenoten. Door het kleine formaat is de dwerg erg handzaam en gemakkelijk overal mee naar toe te nemen. De middenslag is alweer een stuk groter en is een goede waakhond te noemen die voor zijn baas door het vuur gaat. Hij heeft een goede en consequente opvoeding nodig en is geschikt als huishond en als werkhond. De Ries is een grote waak- en verdedigingshond, die door zijn uiterlijk gezag afdwingt. De Ries is geschikt als huis- en werkhond die echter door zijn afmeting minder geschikt is voor klein behuisden. Hij is wat rustiger van aard dan zijn kleinere soortgenoten, maar hij heeft zeker een goede en consequente opvoeding nodig.
Wilt u meer weten over de Riesenschnauzer peper en zout of een van de andere variëteiten, neem dan vrijblijvend contact op met onze ras- en pupinformatie, mw. Gerrie Oosten.
In het volgende clubblad meer over kennel Ojira Tjar.
A. Poth |