|
Lopen met Lutske
We wonen midden in het centrum van Maarssen, maar met Lutske zijn we vrij gauw ‘buiten’ en dan kan ze van de riem. Een hond los laten rondlopen is toch wel het allerleukste. Mijn dagelijkse langere ronde gaat over het jaagpad langs de Vecht, met aan beide zijden water. Aan de ene kant de sloot, aan de andere kant de rivier. Ze heeft zo haar vaste snuffelplekjes, waar ze wat langer blijft stilstaan. Vuilnisbakken zijn natuurlijk interessant, molshopen nog meer. Ik loop door, meestal wat in gedachten verzonken. Zo nu en dan kijk ik om, waar blijft Lutske nou? Ik fluit, en als ik geluk heb is er ineens beweging in de verte. In volle galop komt ze op me af, de witte wenkbrauwen waaien door de wind naar achteren. Prachtig. Wat ik trouwens ook leuk vind om naar te kijken is hoe ze rondjes draait op haar kussen voordat ze haar lekker ronde lighouding te pakken heeft. Soms vindt ze een dode muis of een mol. Dat is aanzienlijk minder plezierig. Lutske stort zich op haar rug op het dode beestje en begint eens flink te rollen. Ik ga in de looppas naar haar toe om te verhinderen dat ze het kadaver ook nog opeet. Ze zal helaas weer in bad moeten… Tot nu toe is Lutske één keer in de Vecht gevallen. Ze snuffelde dicht langs de oever, boog zich steeds verder voorover (ik denk dat er ratten zaten) en ineens kieperde ze over de kop het water in. Deze keer was ik in de buurt, ik zag het gebeuren en liet me meteen plat op mijn buik in het natte gras vallen. Ik kon haar nog net aan haar riempje uit het water trekken. De kant is er te hoog om op eigen kracht eruit te komen en ik was blij dat ik het zag. Anders had het wel eens lang kunnen duren voordat ik haar had gevonden. Tijdens mijn wandeling kom ik vaak dezelfde mensen met hun hond tegen. Het zijn prettige, losse ontmoetingen: we kletsen even, vaak over het weer of over elkaars honden. Die snuffelen aan elkaar en gaan wel of niet spelen en rennen en als je geen zin meer hebt, zeg je: “We gaan maar weer eens!” En als je geluk hebt, gaat Lutske dan ook mee. Ook mooi is om te zien hoe Lutske reageert op vogels en eenden. Daar wordt ons hondje helemaal wild van. De eenden gaan natuurlijk snel het water in en lachen haar van een afstandje uit. De vogels vliegen weg, naar een boom of een weiland aan de andere kant van de sloot. De eerste keer dat dat gebeurde was Lutske een half jaar, ze had nog niet eerder kennis gemaakt met water in de natuur. Ze volgde haar instinct en dook de sloot in, achter de vogels aan. Oef, dat is even schrikken! Maar gelukkig is de sloot gauw overgestoken en in dat weiland is het dolle pret. Ze speelt spelletjes met de vogels en rent als een dolle heen en weer. De vraag is alleen: hoe krijg ik Lutske weer terug? Het weiland hoort bij het klooster; er staat een hoog hek aan de kant van de Vecht, maar dat is gesloten. Aan de slootkant is prikkeldraad, dus al zou ik natte voeten riskeren door zelf de sloot in te stappen, dan nog kan ik daar niet het land op. Het regent dat het giet, het is heel koud en over een kwartier moet ik weg. Hoe ga ik dit oplossen? Gelukkig is het zaterdag, de kinderen zijn thuis, en ik heb mijn mobieltje bij me. Laura en Thomas komen gauw met de fiets. Lutske is ondertussen wel wat dichterbij gekomen. Ze staat bij het hek en ik doe haar door de tralies aan de riem. Dat is de eerste stap. Gelukkig is Laura lenig. Ze klimt via haar fiets over het hek en loopt met Lutske door de andere uitgang van het kloosterterrein terug. Ik neem haar fiets mee. Kletsnat en doorkoud komen we thuis. Lutske doet net of er niets aan de hand is en kruipt meteen op haar kussen. Ze draait een paar rondjes en valt tevreden in slaap.
Daphne Riksen |
|
|
|
|